30 juli 2011

Pieter, Marijke, olifanten en hippo's

Op donderdag 21 juli zien we Pieter en Marijke in Wa uit de bus stappen. Heel bijzonder! Zo vreemd om ze hier te zien, maar ook zo vertrouwd. We gaan met hen op scholenbezoek en dat is erg leuk en indrukwekkend voor de verse Nederlanders. We kletsen heerlijk bij. Bas en ik werken nog wat en zij amuseren zich met het bezoeken van de markt, een tochtje naar een moskee in Nakoré, het GES-kantoor wordt bezocht, de lokale spots voor een biertje, lokaal eten wordt genuttigd in Alems en allerlei visite in ons huis, waardoor zij een beeld krijgen hoe het er hier in Wa toegaat. We hebben Mole-park (nog een keer) bezocht en het was weer erg de moeite waard. Deze keer oog in oog gestaan met een groep van 12 olifanten. Nieuw voor ons allemaal was het Hippo-Sanctuary in Wechiau aan de Black Volta River. Echt een belevenis, achter op de motor, de primitieve lodge met gids Bom, het drinken van Chinese thee bij een locale familie, de verhalen van Bom in de donkere Afrikaanse nacht, het nachtelijk zweten, de muggen en de kanotocht naar de hippo's. Best spannend want er waren ons best heftige verhalen verteld over een hippo die achter bezoekers aanging.
Maandag vertrekken we voor een rondreis met zijn vieren door Ghana. We hebben er heel veel zin in.

22 juli 2011

Blijde gebeurtenissen in Breda en in Wa......

Op 20 Juli 2011 heeft onze zoon Jaap samen met zijn Caat een zoon gekregen, die zij de mooie naam Floris hebben gegeven. We moeten nog even wachten voordat we hem kunnen vasthouden. Maar de moderne middelen bieden ons volop mogelijkheden om te genieten van het geluk van het nieuwe gezinnetje. Wij zijn trots en dankbaar.
Op de dag van Floris' geboorte waren we uitgenodigd voor een naamgevingsceremonie van de zoon van een - islamitische- collega, die een week geleden is geboren. Het was bijzonder om te ervaren hoe verschillend een gebeurtenis als een geboorte wordt beleefd en gevierd.
Tijdens de zwangerschap wordt er eigenlijk niet over gepraat. Pas een maand geleden kregen we te horen dat er binnenkort een kindje geboren zou worden. Het is niet gebruikelijk te vragen naar de uitgerekende datum. Gelukkig is het in Ghana nu zo, dat alle vrouwen gratis kunnen bevallen in het ziekenhuis. Maar desondanks is de sterfte van vrouwen en kinderen tijdens de zwangerschap en bevalling nog hoog. De bevalling is niet het belangrijkste moment, maar de naamgevingsceremonie, die wordt geleid door de senior brother van de vader. Hij bepaalt ook de naam. Er zijn allemaal belangrijke mensen aanwezig: de chief van de community, religieuze leiders, mensen uit de buurt, vrienden en collega's van de vader en Bas en Jeannine. Alle aanwezige clans worden genoemd en ook wij werden genoemd als vertegenwoordigers van de blanken!! Allemaal mannen en één vrouw (Jeannine). De moeder was er niet bij, de vrouwen bereidden thuis het eten. De schoolgaande kinderen uit het gezin waren gewoon naar school.
Het kindje werd gewassen en geschoren (haartjes op zijn hoofd), helemaal onder het sop, stevig afgedroogd, niet te flauw, in de lucht gegooid door een oudere vrouw en de senior brother.
Er werd gebeden en gezongen tijdens de ceremonie, maar men deed ook veel symbolische handelingen met snoepjes en munten geven aan belangrijke mensen. Er werden veel goede wensen uitgesproken. Het jongetje heet Baktampa ( een symbolische naam: chief van de buurt) en de andere naam is Maensui (of zoiets). We mochten veel foto's nemen omdat onze collega blij was met de foto's.
De moeder zag er prachtig uit, het andere zoontje dat erg bang was voor Bas hebben we proberen te sussen met een bellenblaas. Een hele ervaring. We kregen nog wat vlees mee naar huis. Prachtig dat deze blijde gebeurtenissen zo mooi samenvielen!

18 juli 2011

Komkommertijd (haar)

Het is vakantie in Nederland (midden en zuid in elk geval). Iedereen probeert de regen te ontvluchten, begrijpen wij. Hier regent het op dit moment pijpenstelen. Maar de zon zal zich zeker ook weer laten zien, dat is het verschil....
In deze tijd een luchtig berichtje over haar. De Afrikaanse vrouwen zijn graag mooi en besteden veel tijd aan hun uiterlijk en ook aan hun haar. Ze vinden hun kroeshaar meestal niet mooi en proberen het glad te krijgen of maken gebruik van extensions (ingevlochten nep-haar). Veel vrouwen zetten een pruik op met glad glanzend haar of golvende krullen. Het invlechten is een heel karwei. Je ziet 2 of 3 vrouwen werken aan een hoofd en het duurt uren voordat het klaar is. Er wordt ook gekleurd haar ingevlochten. Een paar voorbeelden zie je op de foto's.
Jonge meisjes hebben tot een jaar of 16 heel kort haar, ook uit oogpunt van hygiëne. Je ziet nog wel eens een peuter met allemaal kleine strikjes of vlechtjes, maar daarna is het gewoon kort. Jongens en mannen hebben beebop haar, kroeshaar a la Boney M is echt not done. Je ziet ook wel mannen met rasta haar (reggae is hier erg populair).
De hoofddoeken zijn ook prachtig, zo nonchalant gedrapeerd, vaak passend bij de jurk.
Er zijn veel kleine kapper-bedrijfjes, maar steil grijs haar, daar durven ze niet aan te beginnen!! Wie zijn wij om te zeggen dat eigen haar toch mooier is??!

6 juli 2011

Een paar dagen Accra

Bas heeft zijn kies afgebroken op een steentje in de rijst. Hem wordt geadviseerd dit in Accra te laten repareren. We maken er een lang weekendje Accra van, temeer omdat vrijdag 1 juli een vrije dag is in Ghana: Republic Day. Op 1 Juli 1960 werd Ghana uitgeroepen tot een republiek.
We verblijven bij 2 Britse VSO vrijwilligers waarmee we in februari zijn aangekomen: Adele en Irene. Dank voor zoveel gastvrijheid en gezelligheid! We merken dat het onderlinge contact tussen de volunteers veel meer is dan wij in Wa gewend zijn. Er zijn minder vrijwilligers in de Upper West en die wonen ver van elkaar af, het is niet anders. Ze wonen in een betere buurt van Accra op een bovenverdieping. Het is een kantorenbuurt, met een levendige handel en winkeltjes. De straat wordt als sluiproute gebruikt om de drukke Ring Road te ontwijken met veel toeterende taxi's, maar dat went, net als de huilende kindertjes van de ernaast gelegen creche.
Het meest voor de hand liggende vervoermiddel is de tro-tro, de meestal gammele busjes die we ook in Wa hebben, maar het gaat er hectisch aan toe om een plaatsje te bemachtigen. Het voordringen lukt ons niet zo goed en dus blijven wij vaak buiten staan. Dan maar de taxi, maar ook dan is het een klus om een redelijk bedrag te vragen: 3 of 4 cedi is de max volgens de Accra-vrijwilligers, maar de chauffeurs proberen ons wel uit.
Op de eerste dagen verkennen we Accra te voet, dan zie je het meest. We lopen langs de Makola-markt, een mooie markt waar de meeste stalletjes er netjes geordend uitzien, ondanks de beperkte ruimte die ze hebben. Er is meer vis en grote slakken (ieks!). We lopen naar de kust en verkennen het gebied James Town met de forten uit de tijd van de goud- en slavenhandel. Een van de forten kun je bezoeken: Fort Ussher (door Nederlanders gebouwd) en er is een klein slavenmuseum. Het strand is chaotisch en er zijn erg arme huisjes/krotten tegenaan gebouwd, waar vaak de vissers wonen die in kleine bootjes vissen. We bezoeken op de terugweg het Nkrumah Memorial, met tombe en museum over zijn leven. Kwame Nkrumah was de eerste premier van het land en de charismatische leider van de pan-Afrikaanse beweging.
We gaan KOPEN in Oxfordstreet, de koopstraat van Accra: lekkere kaas, cashewnotenpasta, meergranenbrood, een smoothie als lunch, een pc-stofzuiger en cd's, een kleine oven en een printer.'s Avonds eten we spinazie met vissticks als luxe maal, kun je nagaan! We zijn overweldigd door wat er te koop is en wat het kost. Er zijn veel internationale restaurantjes: wij beperken het tot een pizza (2 voor de prijs van 1) en een Libanees restaurantje waar ik eens lekker vegetarisch kan eten (vegetable soup + falafel-plate). Het verkeer loopt geregeld vast, zoveel auto's en taxi's (die toeteren als ze een blanke zien, ik blijft ervan schrikken). Wa heeft veel meer motorbikes, veel minder auto's én wel veel los lopende schapen en geiten. De tandarts is best spannend, want we weten niet wat te verwachten: volgens Bas is het vergelijkbaar met Nederland en de kies is netjes gerepareerd en de rekening gaat naar VSO, goed geregeld dus!
Op de laatste dag hebben we een afspraak met de VSO Education Programma Manager Dora Amoah-Bentil, geen zus van Matthew! We hebben haar nog niet ontmoet (!) en we hebben wel wat zorgen over het werk en over de werkwijze van VSO. We hebben het goed voorbereid, maar we weten ook dat we met elkaar verder moeten, dus we proberen het constructief aan te pakken. Of het gesprek iets op zal leveren..... We kunnen alleen maar zeggen wat ons dwars zit, dat geeft lucht. Sommige zaken neemt ze mee in overleg, ze geeft wat tips én ze zegt dat verandering tijd nodig heeft (en dat wisten we al). Gelukkig sluiten we ons bezoek af met een biertje (s) met volunteers Jacky en Daniëlle in een leuke spot (zoals ze dat hier noemen) en een lekkere maaltijd met tonijn-rijstsalade met Adele. We kijken uit naar hun komst naar Wa!
Tenslotte de reis. Om 9 uur pm op het busstation van O&A, een wat nieuwere busmaatschappij met wat betere bussen en hogere tarieven. We zorgen dat onze eerder gekochte tickets worden omgezet in plaatsbewijzen. De tas en oven moeten begeleid worden totdat ze veilig onderin de bus staan, dat duurt even, maar je moet erbij blijven! Bas regelt een mok koffie bij aardige vrouwen (natuurlijk), dat zijn van die leuke ontmoetingen. De gehandicapte jongens die vragen om... zo schrijnend. Waar hebben we het dan over? We vertrekken een klein uur te laat, tegen 11-en. De reis duurt ruim 11 uur, met 2x een korte stop. Ik drink niet om niet naar de wc te hoeven (geen uitleg nodig denk ik). Het blijft een klus. De Ghanezen wensen ons altijd een veilige reis en dat geeft ons juist een onveilig gevoel. De stoel van Bas die niet kan worden versteld, de hobbelige weg tussen Accra en Kumasi en de biertjes vooraf maken dat hij nu uitgeteld op de bank ligt te slapen. Ik heb wel redelijk geslapen en kan jullie een beetje bijpraten over ons Accra-weekend. We zijn weer veilig thuis!

28 juni 2011

Workshops

Iedereen op ons kantoor gaat naar workshops. Die duren soms een maar meestal meerdere dagen. In Kumasi, Tamale of Accra. Reizen en ergens overnachten is geen enkel probleem. Organisaties nodigen elkaar uit voor allerlei workshops. Bij onze collega's is het wel een paar keer per maand raak. Daarna moeten ze rapporteren aan de directeur. Op welke manier de opgedane kennis nu gebruikt wordt voor het werk is ons niet duidelijk. Het is een eigen leven gaan leiden, zonder verbinding met waar het voor bedoeld is, lijkt het. Heb je veel workshops dan ben je goed bezig. Je krijgt ook nog een onkostenvergoeding voor reiskosten en eten, dat maakt het heéél aantrekkelijk.
Nu heb ik vandaag mijn eerste workshop gegeven (van 2,5 uur, valt dus wel mee).Een van mijn taken is het creëren van awareness voor inclusie (= alle mensen/kinderen doen mee). Het is belangrijk dat veel mensen op allerlei niveaus zich bewust zijn van het feit dat er nog steeds veel mensen worden buitengesloten. Als je er weet van hebt, valt het je op -hopelijk- en dan is er misschien actie mogelijk.
Ik heb een korte film gebruikt Young Voices, waarin jonge mensen uit Tanzania en Uganda vertellen over wat inclusie voor hen betekent. Zoveel mooie momenten, een doof meisje dat vertelt dat haar ouders nu trots op haar zijn omdat ze naar school gaat en kan leren. De film maakte indruk! Ik heb een powerpoint presentatie gemaakt en veel actieve werkvormen gebruikt. Mijn ervaring met structureel coöperatief leren kwam me goed van pas. Iedereen betrokken en enthousiast, ja super! De directeur had me ondersteund met minerals en biscuits voor de aanwezigen, dat vinden ze hier belangrijk. Tevreden ben ik, over 2 weken nog een keer. Misschien later de districten in.

17 juni 2011

Bayor

Bayor is een leerling van Wadeaf, de school voor dove leerlingen. Hij is een slimme jongen, maar hij heeft alleen een oude, zwakke vader, die geen geld had om hem door te laten leren. Bayor heeft toen 2 jaar thuisgezeten. Daarna is hij teruggekomen op de beroepsopleiding van Wadeaf om voor timmerman te leren. Hij doet dat naar volle tevredenheid van hemzelf en zijn leraren. Hij is erg serieus met zijn vak bezig. Samen met Bayor en zijn vakleerkracht hebben we van het fonds - waarvoor vrienden, familie en collega's zo gul gegeven hebben - een basisset timmermangereedschap gekocht ter waarde van 134,38 euro. Hierdoor is hij in staat in zijn dorp als timmerman te beginnen. Nu gaat hij nog een kist timmeren (met slot!) om het gereedschap goed in te kunnen bewaren. Het geld voor het hout en de sloten hebben we hem ook toegezegd. Namens Bayor allemaal bedankt!

12 juni 2011

Wakatidi, you’re invited!

Ghanezen hebben een simpele, maar pittige keuken, die erg bewerkelijk is voor de vrouwen, want die koken altijd. Het merendeel van de maaltijden bestaat uit goedgekruide stoofpotten of soepen met rijst of gekookte yams, bangku, kenkey, fofu of tiezet, allemaal soorten meelballen, oneerbiedig gezegd. De ingrediënten van de stews /soups zijn bonen en/of okra (slijmerige groene groente), vis of kip, blad van de bonenplant of ander groen en groundnuts. Ze houden van kruiden en van pittig: cayennepeper, curry, gember, knoflook, uien and chilipepers.
Ze hebben de gewoonte om niet thuis aan tafel te eten, maar overal waar ze zijn, vaak buiten op de grond of op een trapje of krukje. Ze zeggen dan: you’re invited, maar het is niet de bedoeling dat je mee-eet, het is alleen voor de vorm. Ze kopen eten in een stalletje voor minder dan een euro per maaltijd: veel koolhydraten, een beetje vlees (met bot) en weinig groente. Vlees is meestal kip of vis, maar soms ook geit en zelfs ....hond (sorry Marthe). Het eten krijg je mee in een zwart plastic zakje. Daar eten ze dan ook uit. Met de rechterhand. Je plukt een stukje fufu of tiezet, doopt dat in de soep of stew en slurpt het naar binnen, nadat je van tevoren je hand hebt gewassen in water. Eten is doorgaans geen sociale bezigheid. Het is bewerkelijk om het te maken. Bijvoorbeeld het stampen van de yam duurt 45 minuten, en dat is intensief . Van de buren kregen we vanmiddag fufu met een light ( very hot) soup. Wij zaten binnen te smikkelen en zij zaten buiten allemaal op een apart plaatsje te eten. Vanavond bij Francis( van het GES guesthouse, waar wij 1 week hebben doorgebracht toen we nog geen huisje hadden) tiezet gaan eten, met soup van bree (bladeren) en een ondefinieerbaar soort vlees. Het was lekker! Ik heb het vlees weggegeven, Bas heeft het geprobeerd, het viel toch niet mee voor een vleeseter die net geleerd heeft een kip te ontleden.
Om als vegetariër te overleven heb ik tofu laten maken. Nu heb ik 30 porties tofu in de vriezer. Dus voorlopig genoeg eiwitten. Wij koken meestal een beetje a la thuis: spaghetti met tonijn uit blik, macaroni idem, panpizza, groente-rijst-sausje, noedels met groenten, omelet, rijst met bonen, soep-pannenkoeken, gebakken yam (aardig alternatief voor gebakken aardappels). De groentes die we hier kopen: tomaat, uit, paprika, kleine aubergientjes (geel), komkommer (zonder EHEC), wortels en sperzieboontjes in beperkte hoeveelheden (erg duur), kool, avocado’s, erwtjes en bonen in tomatensaus uit blik en we genieten zelfs van champignons uit blik (nooit gedacht!). Op dit moment zijn groenten schaarser, het verbouwen van gewassen is met het regenseizoen begonnen, dus over een tijdje....
In Ghana is water drinken erg gewoon, je biedt een bezoeker ook altijd water aan. Koffie, dat kennen ze niet, het is dan ook allemaal Nescafe, en eerlijk gezegd, dat is ook geen echte koffie, toch? Bier is hier gewoon bier, maar de Ghanezen drinken meestal malt Guiness (veel moslims hier). Lokaal wordt er pitoe gedronken een licht alcoholisch zelf gebrouwen drankje, wij hebben het nog niet aangedurfd, onze darmen?!? Wij eten ’s morgens meestal havermoutpap, die nog steeds niet verveelt, is erg voedzaam en vult goed. ’s Middags eten we meestal witbrood (helaas) met een eitje, le vache qui rit, tomaatje, jam, pasta, groundnutpasta en soms een knakworstje voor Bas en een avocado voor mij. Ineens is onze bakker om de hoek gestopt met bruinbrood, dat is balen. Nu moeten we een eindje rijden met de fiets, maar het is het ons waard. In Ghana houden ze niet zo van brood.
In een pakketje van Pieter en Marijke zaten lekkere verwendingen: wat kan Parmezaanse kaas toch lekker zijn. We zijn toch wel echte gewoontedieren: we missen onze kaas!